Geneesmiddelen

Invloed van geneesmiddelen op rijden

Sommige geneesmiddelen kunnen een invloed hebben op het functioneren van de hersenen, waardoor u meer risico loopt om bij een verkeersongeval betrokken te worden.

De volgende groepen kunnen ‘verkeersgevaarlijke’ geneesmiddelen bevatten:

slaapmiddelen (tegen slaapstoornissen), kalmeermiddelen (tegen angstgevoelens), antidepressiva(tegen depressie), neuroleptica (tegen psychische problemen), anti-epileptici (tegen epilepsie), antihistaminica (tegen allergie, reisziekte), Bètablokkers (tegen hoge bloeddruk), antitussiva (tegen hoest), analgetica (tegen pijn), stimulerende middelen (tegen vermoeidheid), eetlustremmers (tegen overgewicht), insuline (tegen suikerziekte), oogdruppels en –zalven.

In principe worden de mogelijke effecten van het geneesmiddel vermeld in de bijsluiter. Lees daarom altijd de bijsluiter, in overleg met uw arts

Enkele aanwijzingen die een mogelijke bedreiging gevaar kunnen betekenen voor veilig rijgedrag:

slaperigheid (waardoor verminderde waakzaamheid en trager reactievermogen), waarnemingsstoornissen, duizeligheid, gevoel van zwakte, bewustzijnsdalingen, verminderd besef van gevaar, overdreven zelfvertrouwen, beoordelingsstoornissen, gedragsstoornissen, agressiviteit, beven onwillekeurige bewegingen, coördinatiestoornissen, misselijkheid.

Stop met autorijden indien u onscherp ziet, problemen hebt om u te concentreren of wakker te blijven of u duizelig voelt, niet wet langs welke route u naar een bestemming bent gereden, niet gelijkmatig rijdt of geen traject kunt aanhouden, geïrriteerd reageert.

Ontdek meer artikels over Geneesmiddelen.